Logo Willibrord-Gymnasium

Workshop pubermotivatie groot succes

De Brabanders René Albers (foto links) en Rob Ruijs zijn naast coach en trainer ook zelf ouders. Hun bedrijf Motifire verzorgt motivatietrainingen voor jongeren van 14-20 jaar. Ze hanteren methodieken uit oplossingsgericht coachen, geweldloze communicatie en weerbaarheidstrainingen, waarbij ze steeds in samenspraak met ouders en scholen werken. Zij geloven heel erg in de kracht en het talent van jongeren met voor de ouders en docenten de schone taak op zoek te gaan naar hun passie en toekomstdromen onder die schil, die buitenkant heet. Rob en René waren te gast bij de jaarvergadering van de Oudervereniging, waar traditioneel een verwant (school) thema op het programma staat.

In totaal hadden zich 60 ouders, 10 jongeren en 10 organiserende bestuursleden van de Ouderraad aangemeld voor deze informatieavond. Er was gekozen voor een opstelling in twee kringen waarbij er, zoals vaak op dit soort avonden, op de eerste rij nogal wat stoelen leeg bleven en sommigen spontaan een derde rij hadden gevormd. Vlotjes werden die naar voren gevraagd voor de interactieve oefeningen, onder de belofte dat na de pauze er gewisseld zou worden.

Een klein stukje theorie vooraf bleek nuttig, zoals welke motivatie-soorten in het algemeen worden beschreven. De allerbeste motivatie (I) komt uit jezelf (intrinsiek) of omdat je denkt dat het iets op gaat leveren (II). Lastiger wordt het omdat je niemand teleur wilt stellen (III) of omdat het moet bij dwang of drang (IV). Kinderen spiegelen zich heel erg aan hun ouders, veel meer dan je denkt.

Hoe herken je trouwens als ouder of docent motivatieproblemen. Vanuit de zaal volgden al snel de voorbeelden, zoals moeilijk kunnen opstaan, slechte cijfers halen, lesverstoringen, uitstellen van het huiswerk, chagrijnig zijn of vaak ruzie maken, spijbelen, veel gamen of gewoon vaak roepen dat school echt niet leuk is. Dat kan zich uiten bij het opstarten van de (school)taak of het te snel willen afronden en afgeleid zijn of het te snel opgeven. Ouders reageren divers hierop, zoals straffen, belonen, onderhandelen, luisterend overleg, inhuren huiswerkbegeleiding, preken of uitdagingen zoeken bij het kind.

De ervaring van Rob en René is dat jongeren altijd ergens voor gemotiveerd zijn, maar niet altijd voor het pad dat wij graag willen. Je kunt het niet op recept bestellen en er is ook geen wondermiddeltje. Intrinsieke motivatie komt niet vanzelf. Belonen, straffen en preken werken alleen op de korte termijn en zijn op de lange termijn schadelijk voor de motivatie, net zo goed als niks doen overigens.

Er zijn drie belangrijke basiselementen die een grote rol spelen bij het gemotiveerd zijn of blijven

a) Competentie; Het vertrouwen hebben in eigen kunnen om vooruit te komen.
Leren(d) leren, af en toe reflecteren, structuur aanbrengen, doelen stellen en groeipad volgen. Het motto is, ik wil verder komen.  Lukt dit niet dan ontstaat snel een gevoel van tekortschieten of mislukking en kan verveling toeslaan.

b) Autonomie; Ruimte ervaren in het invloed mogen uitoefenen op het eigen leerproces.
Veel eigen verantwoordelijkheid krijgen, keuzevrijheid en inspraak ervaren. Het centrale thema is, ik wil ruimte hebben. Is er niet genoeg vrijheid dan zal een jongere snel dwang ervaren en ligt desinteresse op de loer.

c) Verbondenheid; Zich gewaardeerd en gerespecteerd en daardoor zich verbonden voelen.
Belangrijk zijn de relaties tussen leerlingen onderling alsmede de band met ouders en docenten. Durf ook gerust te kijken naar de toekomst en verder liggende doelen. Het belangrijke gevoel hierbij is, ik wil erbij horen.

Is die verbinding er niet dan kan het gevoel van eenzaamheid of uitsluiting het gevolg zijn.

Na wat oefeningen en oplossingsrichtingen vanuit de zaal, kwamen we tot deze top 10 van tips ;

1)           Ouders hebben een grotere invloed op de motivatie van hun kinderen dan ze denken, met hun opvattingen, houding, gedrag en oordelen.

2)           Bescherm je kind niet teveel tegen “falen” en teleurstellingen, want een mens leert nu juist van het maken van fouten.

3)           Onderzoek samen met je kind welke leerstrategie het beste bij het kind past, bv plannen, samenvattingen maken, ezelsbruggetjes, leerstof in blokken verdelen, uitdagende werkvormen, regelmatig overhoren, pauzes nemen met een kopje thee of frisse lucht.

4)           Blijf in gesprek met je kind. Let hierbij wel op timing, heb geduld, voorkom escalatie, spreek de taal van de straat/kind en zet ook gerust humor in.

5)           Bied ruimte voor eigen interesse en initiatief. Ze hebben zoveel talent in zich dat gevonden wil worden, als je maar door die schil kunt komen.

6)           Structureer, maar ook weer niet teveel. Grenzen stellen mag en controleren ook.

7)           Ben terughoudend met belonen, preken en straffen, het werkt slechts kort en motiveert niet.

8)           Praat over toekomstdromen en bijbehorende (hogere) doelen met praktische voorbeelden.

9)           Geef waardering voor inzet, niet alleen voor de cijfermatige prestatie. De 5 tussen de alle cijfers 8 op het rapport is beter gediend met de vraag hoe het kwam, dan met een verwijt en preek dat het altijd beter kan en moet.

10)         Laat vooral los, zonder het te laten sloffen en heb daarbij vertrouwen in een goede afloop.

 

Het was een leerzame doe-avond met onderlinge gedachtewisselingen over hoe we de kinderen weer kunnen laten stralen zodat ze het leven weer met gemotiveerde zin tegemoet kunnen treden.

 

Pieter van Bokhoven (Vrienden van het Willibrord Gymnasium)